Canada  I  Yukon

Blog Canada Blog North America

Canada I Yukon

Dawson City : 08.07.2018

Over de weg van Dawson Creek, waar de Alaska Highway begint, naar Fort Nelson kun je maar een ding zeggen, hij is gelukkig niet kaarsrecht, de bochten zijn de high light op deze route.

Overnachten in Fort Nelson op een RV kamp. Verder naar het noorden wordt de weg een stuk interessanter, hier beginnen de Rocky Mountains. De Summiteit Pass is met 1207 m het hoogste punt op de Alaska Hwy. We overnachten aan het Munch Lake.

De andere morgen maar een klein stukje verder naar het Liard Prov.Park. Hier zijn hotsprings, in de reisgids stond dat als je daar op de camping een plekje wilt er ’s morgens vroeg bij moet zijn. Dat zijn we, er zijn nog een paar plekken vrij. We drinken de 10 uur koffie op onze plek, lekker in de zon. We blijven hier 2 nachten, dalen ’s morgens en ‘ s avonds af in het hete water en gaan daarna herboren verder op de Alaska Hyw. Op de eerste 100 km na de hotsprings zien we 5 beren de dagen er na geen een meer. De weg zou je eentonig kunnen noemen. Weidse landschappen met bergen, bossen, meren en rivieren. Maar het is toch steeds weer boeiend. Het stadje Watson Lake heeft maar een bezienswaardigheid en dat is het “Schildenbos” van over de hele wereld laten mensen hier een aandenken aan hun thuis achter. Nederlanders schijnen daar niet zo een behoefte aan te hebben. Ze zijn duidelijk in de minderheid. Omdat we na een paar dagen ” van de wereld” zijn geweest slapen we in een hotel. Het internet en de telefoon brengt ons weer even in contact met de familie.

In Teslin bekijken we een kleine tentoonstelling over de 5 indiaanse stammen die zich aan het gelijknamige meer vestigden nadat ze van de kust verdreven werden. Een oorspronkelijke bewoonster laat zien hoe producten uit de natuur worden gebruikt in het dagelijkse leven. Overnachten op de camping aan het gelijknamige meer.

Op naar Altlin waar we de volgende stop plannen, maar de camping is een parkeerplaats vol in de wind, wel direct aan het meer maar voor ons niet geschikt.

Over het grote Lake Altlin heb je een gewelde blik op de bergen.  We moeten dezelfde weg terug dus gaan we naar een camping aan het begin van de weg.

De natuur camping is een grote zwarte zandbak, en royal bezocht door muggen. We liggen vroeg in bed en de andere morgen vroeg weer weg. We ontbijten aan het meer.

In Whitehorse eerst maar een plek op een camping gezocht en daarna een duik in de civilisatie. Eten, drank, muggen tent, muggen jasjes, beer spray en reparatie materiaal gekocht. Ook weer nieuwe schoenen  voor Jos, die uit Jasper waren toch wat te klein… dan voor mij nog wat nieuwe sportieve kleding om niet achter te blijven. Op de camping treffen we een fotograaf die net terug komt van de Dempster hyw. Moeten wij ook beslist doen!
Niet de hele weg maar tot een klein stukje tundra is ver genoeg. 
Dat doen we dus maar. Vandaag is tot Moos Creek ver genoeg. We gaan de camping op, stappen uit, en worden aangevallen door de muggen. We zijn daar op voorbereid gezien het vorige. Maar dit is te erg, te kunt niet eens mugvrij in de auto stappen.

Een stukje terug is een lodge. Jos daar heen vragen of er plaats is. Nu zitten we op een kleine veranda voor onze hut, hier ook een paar muggen maar daarvoor is de spray genoeg.

De Lodge wordt gerund door een Zwitsers echtpaar, de zomer maanden komt een zus en zwager hun helpen. Dit is weer zo’n geval van er moet eigenlijk geïnvesteerd worden maar het geld ontbreekt, het zal hun tijd wel uitzingen maar daarna is het waarschijnlijk einde verhaal. Of het toerisme moet zo toenemen dat het voor een opvolger weer rendabel wordt.

Na een goed ontbijt op weg naar de Dempster hwy. We gooien de tankt goed vol en gaan tot de camping boven op de North Fork Pass in het Tombstone Park.Bezoeken het info centrum en lopen een kleine trail vanaf de camping.

We gaan opweg, niet tot het eind bij Inuvik want dat is 740 km. Wij vinden de eerste 250 km ver genoeg. Bergen, toendra, rivieren en meren … mooi

Op de terugweg worden we aangehouden door mensen met een lekke band. Ze hebben zelf niet de goede sleutel bij zich om de bouten los te draaien. Hebben wij misschien….. Jawel, we zijn goed voorzien en de passende sleutel is er bij. We laten een gelukkig stel mensen achter want de dichts bijzijn plaats is Dawson, zo’n 250 km verder.

Dawson City is ontstaan doordat er goud werd gevonden. De restanten zijn nog duidelijk aanwezig. Alle riviertjes en beken zijn omgezet. Nu nog wordt er actief naar goud gezocht. Het stadje zelf is een toeristische attractie. Navenant vol is het er.

We krijgen met moeite een plekje op een camping die bestaat uit een grote parkeerplaats. Het waait er zo verschrikkelijk en het is zo stoffig dat het onmogelijk is daar te staan. We doen de was en eten. Omdat we ook internet hebben gaan we toch maar eens kijken of er nog een hotelkamer te vinden is. Het zijn er niet veel maar 1 is genoeg.   

We boeken gauw, wassen nog snel de auto en gaan het stadje in. De supermarkt is goed voorzien en we slaan dus weer voor een paar dagen in. Het hotel is prima en heeft een leuke bar waar ’s avond een pianist zeer temperamentvol de piano bespeeld.

Canada  I  Alberta

Blog Canada Blog North America

Canada I Alberta

Dawson Creek: 26.06.2018

Donderdag 14 juni landen we op de minuut in Edmonton.

Neef Henry staat ons op te wachten. Een weerzien na 50 jaar! Tijd vergaat…

We rijden naar zijn farm in Entwistle en worden hartelijk ontvangen door zijn vrouw Laurie.

Een deel van hun huis was een oude kerk die ze voor 1 dollard hebben gekocht en daarna in zijn geheel hier naar toe hebben gebracht. Ze fokken paarden, hebben een grote groente tuin en heel veel gras dat elke week gemaaid moet worden. Henry is kunstenaar en maakt geweldige realistische tekeningen en schilderijen, zgn. Western Art. (Google Henry de Groot Canada en je vindt zijn werk op internet

 

De volgende dag gaan we eerst de auto ophalen die bij hun zoon Cody in de garage staat. 

De rest van de tijd brengen we door met boodschappen doen, helpen het brandhout voor de komende winter klein maken, de omgeving wat bekijken en op zaterdag avond gaan we met zijn allen naar de jaarlijkse ” Pig roast” georganiseerd in het buurthuis. Buurt is hier een ruim begrip omdat de huizen ver uit elkaar staan. Maandagmorgen vertrekken wij naar NP Jasper. We lunchen aan een meertje en dan naar de camping. De volgende dag rijden we naar het Magline lake, en bekijken de Canyon. We overnachten op een andere camping bij Jasper.

 

Aan de Icefields Parkway bekijken we elke waterval, gletschers, meren en uitkijkpunten te midden van horden toeristen, ja het hoogseizoen is begonnen, tot we bij Lake Louise zijn. Parkeerplaats vol. We proberen de eerste camping, vol, de volgende, vol, daarna…..

Moeten we verder naar Banff waar de campings zo groot zijn dat er plek is. Banff is natuurlijk super toeristisch maar wel gezellig. We vullen onze kleding wat aan, gaan uit eten, rijden wat rond en als we aan het eind van de middag terug zijn begint het te regenen. We liggen dus weer eens vroeg in bed.

De volgende morgen gaan we verder, rijden Calgary voorbij verder naar het oosten naar het Unesco Dinosaur Provinciel Park. De grootste vindplaats van Dino’s ter wereld. Het is er heet en we hebben geluk dat we de laatste beschikbare plek op de camping krijgen. Aan het eind van de middag rijden we een ronde door het park. Het is te heet om te wandelen, wel bekijken wat dino resten. ’s Avonds begint het een beetje te regenen ( gelukkig, nu wat minder warm) . De volgende dag beginnen we met foto’s bij het uitzichtpunt. Het bijzondere landschap hier langs de rivier wordt de Bad lands genoemd .

We gaan op weg naar Drumheller, voor we daar komen bekijken we nog de resten van een oude kolenmijn. Net buiten de stad is het Royal Tyrrell Museum met een geweldige  collectie  fossielen en skeletten. Een van de mooiste museums die we gezien hebben. Rond 2 uur vertrekken we weer richting familie  de Groot.

Henry had oorspronkelijk de bedoeling in 1 dag op en neer te gaan met ons naar dit museum dus hadden wij in ons achterhoofd dat de afstand niet te groot was. Maar dit is Canada en de wegen zijn kaarsrecht en heeeeel lang. We hadden nog 5 uur nodig om weer in Entwistle te komen. Blij dat we dit niet op 1 dag hebben gedaan!

Die avond waren we bij een gezellig samenzijn bij hun buren, het huis van de buren is het huis waar oom Jan begon met boeren nadat de bakkerij verkocht had.

We hebben problemen met de compressor. Bij de vorige reis is de accu ontploft en Jos komt tot de ontdekking dat het zuur de leidingen van de compressor heeft aangevreten. Maandag met de auto naar de garage waar ze gespecialiseerd zijn in grote vrachtwagens, die gebruiken ook luchtdruk, en ze vinden 5 kapotte leidingen.

We gaan op bezoek bij Gordie een jongere broer van Henry, hij is bezig een nieuw huis te bouwen en bijna klaar. Hij zegt mij nog te kennen van toen hij als kleine jongen op bezoek was in Nederland, maar ik kan me dat niet meer herinneren.

Elke middag om 5 uur is het na een dag hard werken op de farm, happy hour rond de vuurkorf. Onze laatste avond sluiten we af met hotdogs en een drankje.

Henry, Laurie en Cody het was geweldig om jullie (weer) te zien en bedankt voor de gastvrijheid en fijne dagen!

Nu op naar Alaska! Het weer is nog goed. In Entwistle wachten ze al weken op regen!  Nou die krijgen wij dan ook onderweg maar wel 200 km noordelijker. Onze eerste overnachting plannen we in de buurt van Dawson Creek. Koude noorder wind en regen, niet bepaald camping weer. Het wordt dus een hotel, met internet, zodat we nu mooi onze website kunnen bijwerken.

 

 

Canada  I  Montreal > Edmonton

Blog Canada Blog North America

Canada I Montreal > Edmonton


Entwistle : 29.10.2017

Van Montreal naar Edmonton.

Jochem en ik zijn in oktober 3 weken naar Canada geweest en hebben de Defender van de oostkust naar het westen van Canada gebracht

Op 10 oktober zijn we naar Montreal gevlogen, we hadden een hotel geboekt in de buurt van de stalling waar we de volgende morgen de auto hebben opgehaald, nadat we de nodige proviand hadden ingekocht vertrokken we richting Ottawa. Net buiten Montreal hoorden we een hard gesis, we controleerden de banden maar het bleek geen lekke band te zijn, we reden verder maar het begon toch wel te stinken in de auto, bij een winkelcentrum gestopt en het bleek dat de accu’s waren geëxplodeerd en het accu zuur er was uitgelopen, na de zaak te hebben schoon gemaakt bleek de auto niet meer te starten.

een vriendelijke Canadees heeft ons geholpen de auto weer aan de praat te krijgen. 

We besloten direkt naar Ottawa te rijden en onderweg niet te stoppen en daar op zoek gaan naar een Battery Store die we toen ook nog toevallig direkt tegen kwamen toen we de stad in reden.

een jong echtpaar heeft ons daar erg goed geholpen, het bleek dat de mensen van de stalling onze lege accu’s  met te veel stroom te snel hadden opgeladen.

Met een nieuwe accu konden we daarna op zoek gaan naar een motel. De volgende morgen hebben we nog het centrum van Ottawa bezocht maar het was er nog erg koud en zijn dan ook later op die dag doorgereden naar Pembroke, onderweg hebben we langs de Ottawa rivier kunnen genieten van de „Indian Summer“.

We hadden al uitgerekend dat we goed moesten doorrijden om die knap vier duizend kilometer binnen ons tijdschema af te leggen. We reden dan ook elke dag circa 300 kilometer, de dag begon met een eigen ontbijt in de auto of op de kamer, Jochem wou in het begin nog wel graag zijn ochtend eitje. Om 10 uur werd er dan onderweg koffie gezet en tussen de middag werd er gekookt waarbij ik dan een wijntje kon drinken omdat Jochem daarna verder reed, tegen de avond zochten we dan weer een motel. 

De provincie Ontario is erg bebost en in deze tijd van het jaar heel kleurrijk, Jochem vond het wel erg veel bos en water en mopperde dan ook dat ik daar dan ook nog elke keer weer foto’s van moest maken, maar voor het middag eten zochten we wel steeds een mooi plekje op in het bos en aan het water.

We reden langs de grote Canadese meren via North Bay, Sudbury (met nikkel mijnen), Sault Ste. Marie, Wawa, Nipigon (met een mooie Canyon) en Thunder Bay.

op een gegeven moment had Jochem genoeg bossen en meren gezien en wilde hij in de steden musea ed. bezoeken, dus In Thunder Bay naar een museum (was meer een indoor pretpark) en s’middags nog naar het historisch fort William (die al gesloten was voor het seizoen).

Het werd onderweg steeds kouder, de winter was op komst, de kleurrijke „Indian Summer“ veranderde langzaam in een geel landschap. op zo’n koud weer was ik niet ingesteld en heb dan nog een mooie nieuwe winterjas van „Canadian Goose“ aangeschaft.

Onderweg bedacht ik me ineens dat we vorig jaar in Zuid-Amerika een probleem hadden met het koelwater systeem en dat het in het regenwoud van Ecuador is gerepareerd (daar kennen ze geen koelwater met antivries). Wij dus op zoek naar een garage om het koelwater te vervangen maar het bleek moeilijk om er een te vinden die ons direct kon helpen, alle auto’s in Canada moesten worden geprepareerd voor de winter.

In Winnipeg konden ze ons bij een Landrover garage eerst na het weekend helpen maar dat was voor ons te laat, wel hebben ze voor ons een afspraak gemaakt bij een Landrover garage in Saskatoon de hoofdstad van Saskatchewan.

Winnipeg is wel een aardige stad en we konden er dan ook nog een extra dag blijven, dat paste Jochem wel, dus weer op zoek naar een museum. Het historisch museum is goed opgezet, met een uitgebreide presentatie van het indiaanse geschiedenis, het landschap, de dierenwereld maar in het bijzonder van het ontstaan van de pelshandel en de „Hudson Bay Company“.

Tot aan Winnipeg bleef het bossen en meren, bij het plaatsje „Portage la Prairie“ veranderde het landschap in vlakke landbouw gronden. De komende dagen rijden we dus door een redelijk eentonig maar wijds landschap. 

Inmiddels hebben we ook contact gehad met Henry de Groot, een neef van Marja, die in Entwistle woont, circa 100 km ten westen van Edmonton.  Henry en familie wonen buitenaf op een boerderij. Onze auto mag bij de familie in de stalling, Jochem en ik blijven er een paar dagen en helpen een dag op de boerderij.  Marja zal volgend jaar wanneer we in juni de reis voortzetten wat meer vertellen over haar familie in Canada.

Canada  I Quebec/Montreal

Blog Canada Blog North America

Canada I Quebec/Montreal

Montreal:  27.05.2017

Québec – Montreal

We rijden naar de historische stadskern van Québec en parkeren aan de rand.

Te voet gaan we het mooie oude centrum in.

Er zijn veel groepen scholieren onderweg, die waarschijnlijk de historie van hun land uitgelegd krijgen. We komen op een pleintje met een terrasje, eindelijk, het eerste deze vakantie, en genieten van een goede cappuccino. Gaan met de lift de heuvel op en genieten van het uitzicht. We vinden een leuk en zeer goed restaurantje. Na de lunch rijden we langs de baai eigenlijk in de verkeerde richting. Wat verderop is een NP met een camping die ons wel leuk lijkt, en dat is zo. Weer een mooie plek, in het bos en verder niemand.

De volgende dag nemen we de weg langs de kust richting Montreal, als we net onderweg zijn staat er langs de kant een politie auto, wat verder zit hij achter ons en geeft Jos een stop teken. Nu zijn we al voor het vierde jaar onderweg en het is pas de tweede keer dat we door een politie worden gestopt.

Raampje naar beneden en een leuke jonge man komt naar ons toe en zegt als eerste dat er niets aan de hand is maar dat hij een vraag heeft… jullie rijden hier met een buitenlandse auto, moeten jullie hier ook wegen belasting betalen? Want hier in Québec hebben ze voor zowat alles een belasting….

Wij vertellen dat we hier te gast zijn en niets hoeven te betalen, dat dat eigenlijk overal zo is als je als buitenlander onderweg bent.

Hij bedankt ons voor de informatie, zegt dat hij weer wat wijzer is geworden en wenst een een fijne tijd in Canada.

We rijden tot Trois-Rivières, zoeken een camping en vinden een plek op camping Lac Saint Michel, ook hier ontwaken ze net uit hun winterslaap.

Dit wordt onze laatste nacht in de auto. De volgende morgen doen we de was en maken de auto schoon. Nu op naar Montreal, hier hebben we een kamer geboekt in B&B Le Terra Nostra. Hier komen we in de namiddag aan, worden vriendelijk ontvangen en krijgen direct een geroutineerde uitleg over wat er alzo allemaal in Montreal de doen en te bekijken is. Dat doen we dan wel morgen, nu eerst uitrusten, daarna nog een kleine wandeling langs de rivier en naar bed.

De volgende morgen brengen we eerst de auto weg naar het bedrijf waar hij de komende maanden mag blijven. Met de metro gaan we naar het centrum. Ook hier mooie oude gebouwen maar wat minder dan in Québec. Het regent een beetje  en dan is het ook wat minder leuk. Dan maar een museum in waar een mooie tentoonstelling over Afrika is. Ook hier weer goed gegeten en met de metro terug.

 

Onze laatste dag begint met een bericht dat onze vlucht vertraagd is. Hij zou aan het eind van de middag gaan. We gaan op de fiets een paar kilometer langs de rivier. Het is een mooie zondag en er zijn veel mensen in het park die sporten, wandelen enz.

Als we rond de middag terug zijn bij onze B&B blijkt dat er nog steeds geen nieuwe vertrektijd voor onze vlucht is. Aangezien we wel wat vlieg ervaring hebben kijkt Jos eens op internet hoe het met andere vluchten vanaf Montreal is. Het blijkt dat Air France vanmiddag ook vliegt. Weet je wat zegt Jos, we nu naar het vliegveld en proberen om te boeken. Op internet bleek dat ons vliegtuig zelfs nog niet uit Amsterdam was vertrokken, wat betekende dat naar onze menig er vandaag geen terugvlucht meer zou zijn. Zo gezegd zo gedaan, wij naar de Air France balie, uitgelegd, de jonge man duikt in de computer, loopt naar achteren en komt terug met onze boarding kaarten, via Parijs naar Berlijn, en dat zonder bijbetalen . Wij blij, als we uiteindelijk instappen is het KLM vliegtuig net uit Amsterdam vertrokken naar Montreal. Als we daar op hadden moeten wachten waren we minstens 10 uur later….

Uiteindelijk zijn we de andere morgen nog 10 minuten eerder in Berlijn dan met KLM.

Midden april toen we uit Baltimore vertrokken kwamen net de eerste blaadjes aan de bomen, hoe verder we naar het noorden gingen was de lente daar nog net niet aangekomen. In New Foundland haalden we de winter weer in.

Eind mei in Montreal was dan de lente ook in Montreal aangekomen.

In oktober gaan Jos en Jochem de auto van Montreal naar Edmonton rijden

Canada  I  Province Quebec

Blog Canada Blog North America

Canada I Province Quebec

Quebec:  22.05.2017

Van Sydney naar Québec

De nachtboot brengt ons weer terug naar Sydney.

We gaan de zelfde weg terug tot Truro en dan aan de oost kant van New Brunswick naar het noorden. Het is een lange rit, het weer wordt er niet beter op en in de stromende regen komen we aan in Shediac. Hier gaan we dus maar op zoek naar een hotel, overnachten in een mooi oud hotel, het Tait House, maar met moderne luxe kamers. Het weer klaart op en de volgende dag rijden we tot Bathurst. Hier doen we de was in een mooie, net geopende laundry, een kilometer verder is een camping, ook net een dag open, en bij een mager zonnetje slaan we ons kamp op. Het is toch steeds weer fijn na een tijd in hotels te hebben geslapen nu weer in onze auto te kunnen overnachten.

Het heeft de laatste weken, zoals wij ook meegekregen hebben, veel geregend aan de oostkant van Canada. Vooral de provincie Québec heeft veel overlast ondervonden. We gaan verder naar het noorden, steken bij Campbelton het water over en gaan richting het Nationaal park Gaspesie.

Waar wij links af moeten, net voor de rivier richting noord, is de doorgaande weg afgesloten. De brug is niet meer begaanbaar omdat de zware regenval van afgelopen week een aantal pijlers heeft verschoven.

De hele weg langs de rivier zien we de schade die de overstroming heeft aangericht, ze zijn nog druk bezig met repareren en opruimen. Een paar dagen eerder en we hadden hier niet langs gekund. Ook in het park, op een plek aan de rivier waar we even pauze houden is een brug verzakt.

Aan het eind van de middag komen we dan aan bij de Saint Lawrence baai en gaan opzoek naar een camping. Er zijn er een paar, maar bij de eerste sta je direct tussen straat en water en vol in de wind, de volgende is nog niet geopend.

Een paar kilometer verder staat een bord met chalets-camping,  proberen dus. We rijden er naar binnen komen bij een gebouw waar twee mannen staan te praten. Wij vragen of we hier kunnen overnachten we zien namelijk geen plekken.

We zijn in de provincie Québec en daar spreken ze Frans, en dus geen woord Engels. Bij ons is dit andersom…

Maar met handen en voeten en drie woorden Frans blijkt dat we hier, wat wij dachten dat de tuin was, konden staan. In het gebouw, waar een van de mannen woont, is het sanitair en zelf een kleine ruimte met tafel en stoel waar we kunnen zitten, eten enz.

Ook mooi, want buiten is het nog steeds erg fris en hier brand de verwarming. Als we ’s avonds wat rond lopen ontdekken we dat er een heel  Adventure park is met kletter tuin. Allemaal niet meer in gebruik lijkt het.

De volgende morgen komt er een jonge dame naar ons toe en begint in het Engels tegen ons te spreken. De dochter van de eigenaar, we hebben een heel leuk gesprek, vertellen over onze reis en zo. Het blijkt dat vader best wel nieuwsgierig naar ons was en haar dus op ons af stuurde. Het park moesten ze een paar jaar geleden sluiten omdat het niet meer rendabel was. Nu komt er af en toe nog iemand.

De volgende dag rijden we verder langs het water naar Matane waar we de veerboot nemen naar de noordkant van de St. Lawrence baai. Als we op de boot zijn begint het te onweren, we hebben internet en omdat we aan het begin van de avond aankomen in Baie-Comeau boeken we een hotel. Maar goed ook, als we van de boot rijden stortregent het.

In het Hotel Manoir Baie-Comeau drinken we een cocktail en kletsen met de barkeeper die 10 jaar geleden uit Nepal naar hier kwam en echt niet terug wil.

In dit deel van de St. Lawrence baai is de kans groot dat je walvissen ziet. Althans dit staat op borden langs de weg, gegarandeerd ook nog! En dat moeten wij geloven?

Al die jaren, de hele kust van Zuid- tot Noord Amerika langs gereden, en altijd op de verkeerde tijd daar waar ze te zien zijn, en dan zal het nu wel lukken?

Camping Paradis Marin zegt het ook, ze zijn ook net open en er is dus volop plek. De dame stuurt ons naar, wat zij zegt, de mooiste plekken, vlak aan het water. Zoek er maar een uit, en we vinden er een. Ook het weer is ons goed gezind en we genieten van de zon.
Aan het eind van de dag zitten we al een heel tijdje op de rotsen aan het water en opeens ziet Jos links van ons wat uit het water springen, en nog een keer. een tijdje niets, en dan opeen rechts van ons nog een paar keer. Warempel, ze hebben gelijk, eindelijk walvissen gezien!

Omdat het er zo fijn is blijven we nog een dag, rijden wat rond en aan het eind van de dag, wij weer zitten….. niets.

Gaan naar onze auto, en ineens roept iemand, kijk links, een kleine groep witte walvissen!

Nu we dit gezien hebben kunnen we wel weer verder gaan.

We rijden langs de Saguenay River land inwaarts, maken een wandeling in een NP naar de kant van de rivier. Als het lunchtijd is zoeken we een plek om te koken. Dat is niet altijd makkelijk omdat geen parkeer of recreatie plekken zijn. We vinden een plek vlak bij de weg. Iets verder staan een paar huizen. Kinderen spelen daar en komen, met een omweg, langs ons gelopen.

Als we bijna klaar zijn komt er een auto aangereden, stopt, en een man doet het raam naar beneden en begint, op zijn Frans natuurlijk, tegen ons te keer te gaan. Dit is geen camping en zo, en weet ik wat nog meer, zoveel begrijpen we er ook wel van. Niet dat dit nou zo’n mooie plek is om te staan….. In al die jaren dat we onderweg zijn is dit de eerste keer dat er iemand tegen ons te keer gaat. Franse afstammelingen, zeggen we tegen elkaar, tja…..

We zeggen vriendelijk, op zijn Engels, dat we alleen even eten en dan echt niet hier willen blijven..

We vinden een plek op de camping ” De tuin van mijn vader” in La Baie.

De volgende dag onze voorraden maar weer eens aanvullen en richting Québec.

Eigenlijk willen we nog een tussenstop maken, maar de omgeving is er niet naar. Geen campings en we zijn op hoogte, dus koud.

We rijden door tot Québec waar we aan de rand van de stad een fijne camping vinden met goede WiFi. Voor het eerst zitten we ’s avond op de voorstoelen, iPad op het dashboard, een film te kijken. Af en toe de verwarming aan en op tijd naar bed.